Home / Interviews / Zoubida

Zoubida

Susanne van Lieshout interviewt vrouwen in Marokko. Het is 1972. Zoubida is achttien en wil dolgraag medicijnen gaan studeren in Rabat. Haar ouders hebben een studiebeurs voor haar aangevraagd. Na een paar maanden krijgt ze bericht van het ministerie van onderwijs:

Zoubida krijgt een beurs, maar in plaats van medicijnen in Rabat is het een toelage om tandheelkunde in Toulouse te gaan studeren. Daar had de familie niet op gerekend. Zoubida’s ouders voelen er niks voor hun dochter in haar eentje naar Frankrijk te laten vertrekken. Maar er is een oom in de familie die ook in het buitenland heeft gestudeerd. Hij haalt de ouders over haar te laten gaan.

De eerste paar dagen voelt Zoubida zich vreselijk eenzaam op de campus in Toulouse, maar al snel maakt ze kennis en sluit vriendschap met andere Marokkaanse studenten op de universiteit. Ze zal er zes jaar lang met plezier studeren.

In Marokko zijn het roerige tijden. De overheid, geleid door de toenmalige koning Hassan de tweede, doet er alles aan om dit niet te laten merken. Koning Hassan, die wereldwijd geroemd wordt vanwege zijn diplomatieke vaardigheden, wordt in zijn eigen land gevreesd vanwege zijn dictatoriale beleid. Begin jaren zeventig worden er maar liefst twee aanslagen op zijn leven gepleegd. Dan begint de terreur pas echt. Iedereen die ook maar enigszins iets aan te merken heeft op de koning of zijn beleid, wordt genadeloos opgepakt en weggestuurd. Journalisten, kunstenaars, linkse studenten; de onherbergzame gevangenissen, diep weggestopt in het Atlas gebergte, puilen ervan uit.

Onder de Marokkaanse studenten in Frankrijk ontstaat een politiek activisme om de penibele mensenrechten situatie in Marokko onder de aandacht te brengen. Zoubida is van de partij. Ze trekt veel op met Driss, een vriend die economie studeert. Samen maken ze plannen om de gevangenen in Marokko bij te staan. Ze schrijven brieven, sturen ingezonden artikelen naar de franse kranten en organiseren manifestaties om aandacht te vragen voor dit probleem in Marokko. Ook wordt ze lid van de unie van vrouwelijke Marokkaanse studenten, die zich inzet voor de positie van achtergestelde Marokkaanse immigrantenvrouwen in Frankrijk. Ze bezoeken hun analfabetische landgenoten en geven franse les. Tegelijkertijd proberen ze hen bewust te maken van wat er zich in Marokko afspeelt. Want als het aan Hassan de tweede ligt, zal niemand ooit te weten komen dat er talloze mensen zonder vorm van proces creperen in de gevangenissen.

Zoubida en Driss draaien overuren; overdag een zware studie en ’s avonds actievoeren en discussiëren tot in de kleine uurtjes. Tijd voor een lui studentenleventje is er niet.

Na zes jaar blokken mag Zoubida zich tandheelkundig arts noemen. Ze wil het liefst doorstuderen in Frankrijk, maar haar ouders maken zich zorgen over haar politieke activiteiten en eisen dat ze zo snel mogelijk terug naar Marokko komt. Thuisgekomen moet ze, ter compensatie van de studiebeurs, zich voor minstens twee jaar in dienst stellen van de staat. Voor een mager salarisje gaat ze werken in een ziekenhuis. Ze mist haar vriend Driss met wie ze zoveel heeft gedeeld. Gelukkig blijkt het wederzijds, als hij tijdens de grote vakantie in Marokko is trouwen ze. Maar Driss moet nog een jaar om zijn doctoraat in de economie te halen.

Het jaar lijkt voorbij te kruipen. Zoubida woont weer bij haar ouders en het werk in het ziekenhuis bevalt haar niet. Eindelijk is het zover. Haar man Driss is terug en krijgt een goede baan op de universiteit. Ze vinden een appartement met drie kamers, in twee ervan begint Zoubida haar eigen tandartsenpraktijk. Al snel blijkt ze zwanger…

Het is 2004. Zoubida en Driss hebben drie dochters, de praktijk bloeit en Driss is hoofd van de economische faculteit. De oudste twee meiden, Meriem and Imane studeren beiden in Frankrijk. Zonder studiebeurs, gewoon op kosten van pa en ma. De jongste Mounia woont nog thuis. Geen van drieën heeft politieke aspiraties. In Marokko is onder leiding van de nieuwe koning Mohammed de Zesde veel verbeterd, hetgeen voor een groot deel op het conto van de vrouwenbeweging kan worden geschreven. Toch is de situatie voor veel arme plattelandsvrouwen nog steeds ronduit slecht. Zoubida’s dochters hebben geen zin zich voor hun ‘zusters’ in te zetten, ze willen alledrie in de economische voetsporen van pa treden. ‘Tijden veranderen’, zucht Zoubida.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *