Home / Interviews / Tharanga: verbonden met Nederland

Tharanga: verbonden met Nederland

Susanne van Lieshout interviewt vrouwen in Sri Lanka.
Tharanga houdt van Nederland. Haar huis in Colombo staat vol met bloemen, waaronder tulpen in alle kleuren van de regenboog. Oké ze zijn van plastic of stof, maar dat doet aan de fleurigheid niet af. Echte bloemen, voor zover ze te krijgen en betaalbaar zijn, houden het toch niet lang uit in dit tropische klimaat.

Als ik met haar afspreek heeft ze een gele pen bij zich met daarop het NS logo. ‘Dutch Railways’, weet ze. ‘Die hebben geld geschonken na de tsunami. Voor de familieleden van omgekomen spoorwegwerkers, 200.000 roepies (200 dollar) per famillie. En er waren veel slachtoffers, want in Sri Lanka rijdt de trein pal langs de kustlijn.’

Als kind heeft Tharanga de keukenhof bezocht en Madurodam. Maar het prachtigst vond ze de groene weiden met die vette koeien. Wat heeft deze 30-jarige Sri Lankaanse dame met Nederland? Ze is getrouwd met een Sri Lankaanse man, haar familie is boeddhistisch en ze hebben geen bloedband met Nederland, zoals de zogenaamde ‘Burgers’. Dat is de naam van bevolkingsgroep van Nederlandse afkom in Sri Lanka. Burgers herken je aan de namen: ze heten bijvoorbeeld Vancuylenburg, Maurits of Vanderwert. Ze hebben een (over)grootvader uit de koloniale tijd, geboren in Nederland, maar vandaag de dag is de naam vaak het enige Nederlandse wat overgebleven is.

Niet in Tharanga’s geval. Hoewel zij niet tot de Burgers behoort, heeft zij een sterke band met Nederland. Haar vader heeft namelijk in de jaren zestig tropische landbouw in Deventer gestudeerd. Momenteel is hij voorzitter van vereniging van Sri Lankanen die in Nederland gestudeerd hebben. Sinds zijn studie is haar vader een beetje Nederlandse good will ambassadeur in Sri Lanka, en voor zijn diensten heeft hij zelfs een lintje van onze Koningin ontvangen…

En zo is Tharanga ook een beetje Holland promotor in Sri Lanka. ‘Wist je dat we in onze taal, het Singhala, nog Nederlandse woorden gebruiken?’ vraagt ze. ‘Wij eten hier boontjies en aarappels, werken op kantorewe en worden straks begraven op het kerrikove’. ‘O,’ vervolgt ze, ‘en nog een tip: als je ooit op het platteland komt en hoog nodig moet, vraag dan rustig naar het kakhoes…’ Altijd handig om te weten!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *